Foto: Jeroen Taalman

Hanz Mirck (1970) publiceerde tien dichtbundels en een roman. Zijn debuut Het geluk weet niets van mij werd genomineerd voor de C. Buddingh’ prijs, zijn tweede bundel Wegsleepregeling van kracht werd bekroond met de J.C. Bloemprijs en zijn laatste bundel Sirius werd genomineerd voor de Grote Poëzieprijs.

Mirck was stadsdichter van Zutphen en Apeldoorn en schreef jarenlang actualiteitsgedichten voor de VPRO- en EO-radio.

 

 

 

 

 

 

 

Labberkoeltje is de verpersoonlijking van de wind, het klimaat en de vluchtige tijdgeest. Door de wind als persoon te presenteren, kunnen we een nieuwe relatie tot de klimaatcrisis en tot de tijdgeest ontwikkelen. In haar boek In gesprek met de Noordzee suggereert ontdekkingsreiziger en bioloog Arita Baaijens om natuurlijke fenomenen een stem te geven. Dat is hier ook aan de orde.

Maar er zijn meer lagen in het verhaal: een autobiografisch/psychologische, over pubertijd, verzet, vrijheidsdrang, een politieke, over de eeuwig terugkerende strijd op aarde, en een demografische, over hoe mensen meegesleurd worden door de grote krachten in de tijd.

 

 

 

Ik ben de stem van de heerlijkheid van kracht, de kracht van heerlijkheid, ik breek de bomen, ik laat ze huppelen als kalveren, als jonge eenhoorns, alles doet zoals ik het zeg. Ik fluister in braamstuiken, lispel over doorns, ik zucht in het vuur. Op de grote wateren bulder ik over de onzichtbare golven. Ik ben het grote ruisen, het verstaanbare misverstand. Het is niets. Ik ben niets. Niets aan de hand!

Voor meer informatie over Hanz Mirck (en over zijn eerdere titels) zie HIER